Serapis

Uit Limes-wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het beeld van Serapis

Tijdens een opgraving in 1947 op het terrein van het Romeinse castellum Fectio (Vechten, gemeente Bunnik) werd een beeltenis van het hoofd van de Grieks-Egyptische god Serapis opgegraven door de Groningse archeoloog A.E. van Giffen. De vondst kan waarschijnlijk gedateerd worden rond het einde van de 2e of de eerste helft van de 3e eeuw na Chr.

Het beeld is een topstuk uit de collectie van het het Provinciaal Utrechts Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen (PUG). Aanvankelijk werd er getwijfeld of het een beeltenis van Serapis of toch van Jupiter was. Recentelijk is de opgraving alsnog uitgewerkt en gepubliceerd door archeologen van de universiteit Nijmegen.

Het hoofd van een kalkstenen beeld van de Grieks-Egyptische god Serapis, weergegeven met zware spiraalvormige haarlokken, een baard en een snor. Het haar wordt bijeengehouden door een smalle hoofdband. Op de kruin is een groot rond breukvlak te zien, waar hoogstwaarschijnlijk een modius (korenmaat) heeft gezeten, een kenmerkend attribuut van Serapis. De kop is 18 cm hoog, 20,5 cm breed en 15,7 cm diep. (Foto PUG)
Aan de achterkant van het beeld is een gedeelte van de troonleuning bewaard, versierd met voluten. Dit wijst erop dat de god zittend was weergegeven en dat het hier wellicht om een cultusbeeld gaat voor in een tempel of een kapel. De Romeinen staan erom bekend dat ze vaak goden van andere volkeren in hun eigen religie opnamen. Er zijn dan ook wel meer vondsten van Egyptische goden (zoals Isis, Harpocrates en Ammon) bekend uit Nederland, ook uit Vechten. Maar een tempel voor een van deze goden is hier tot nu toe nog niet gevonden.(Foto PUG)

De geschiedenis van de locatie van de vondst

Het Romeinse castellum Fectio (Vechten) is rond het begin van de jaartelling gebouwd en is daarmee een van de oudste Romeinse forten in Nederland. Fectio lag strategisch, omdat enkele kilometers naar het westen de Vecht aftakte van de Rijn. Het maakte deel uit van een hele serie forten langs de Rijn, die vanaf 47 na Chr. de grens (limes) vormde van het Romeinse rijk.

Fectio had een internationale bezetting. We weten dat er onder andere een cohort Spaanse hulptroepen, de cohors I Flavia Hispanorum equitata, gelegerd is geweest, evenals – later – een afdeling Thracische ruiters, de ala I Thracum. Het leger speelde een belangrijke rol in de verspreiding van uitheemse culten over het Romeinse rijk. Soldaten die tijdens hun diensttijd in aanraking kwamen met vreemde goden, namen die cultus na afloop vaak mee naar huis. Maar de verering van Egyptische goden als Isis en Serapis kan ook via de handel in deze streken beland zijn. Direct naast fort Vechten lag een vicus, een burgerlijke nederzetting. Het is dus niet met zekerheid gezegd dat onze Serapis uit militaire context afkomstig is.

Serapis

Het belangrijkste heiligdom van Serapis was het Serapeum van Alexandrië, een enorme tempel. De god Serapis werd door Ptolemaios I Soter (323-283 v.Chr.), voormalig generaal van Alexander de Grote en de eerste Griekse heerser over Egypte, gecreëerd met het doel om een nieuwe religieuze eenheid te smeden tussen de Egyptische bevolking en de Griekse immigranten. De nieuwe god was een combinatie van verschillende elementen van bestaande goden, zoals de vergoddelijkte Apis-stier van Memphis, de Egyptische dodengod Osiris, de Griekse oppergod Zeus en de god van de onderwereld, Hades.

Links: afbeelding uit 1894 van mogelijk de god Serapis, met staf in de hand en de driekoppige hellehond Kerberos voor zich. Rechts: een marmeren buste van Serapis uit de 4e eeuw v.Chr. met op zijn hoofd de korenmaat. (foto's: Wikimedia)

De weelderig krullende haren en baard van Serapis doen sterk denken aan de manier waarop Zeus (bij de Romeinen Jupiter) werd afgebeeld. De korenmaat (modius) op zijn hoofd was een Grieks symbool voor het land van de doden, maar doet tegelijkertijd sterk denken aan de cilindrische kroon die door Egyptische koninginnen werd gedragen. In de linkerhand hield Serapis een staf, zijn rechterhand rustte op de driekoppige hellehond Kerberos, die voor hem zat. Deze laatste twee elementen ontbreken bij de kop uit Vechten, maar zijn oorspronkelijk wellicht wel aanwezig geweest.

Machtige al-god

Langzamerhand werd de nieuwe godheid steeds populairder en in de Romeinse tijd was Serapis uitgegroeid tot een soort machtige al-god, die vanaf de Flavische periode (69-96 n.Chr.) ook op keizerlijke munten werd afgebeeld. Een groot vereerder van Serapis was de Romeinse keizer Septimius Severus (193-211 na Chr.). Hij identificeerde zich graag met de god en liet zich met dezelfde haardracht afbeelden in officiële portretten.

Serapis werd vaak vergezeld door zijn vrouw Isis en hun zoon Horus (in de vorm van Harpocrates). Isis was onder meer de godin van het moederschap, de vruchtbaarheid en de magie. Aan haar gewijde tempels stonden overal in het Romeinse rijk, zoals op de Campus Martius in Rome en in Pompeji, maar ook dichterbij onze streken, in Mainz en vermoedelijk Keulen.

Tekst: Joanneke Hees

Joanneke Hees werkt bij de gemeente Utrecht aan de inventarisatie van de archeologische collectie. Provinciaal Utrechts Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen (PUG).


De kop van Serapis is te zien in de tentoonstelling ‘Archeologen aan het Werk’ in het Centraal Museum in Utrecht.